Skip to content

Code van medische deontologie

<< Terug

Hoofdstuk 4 : Verantwoordelijkheid

Art. 43


05/07/2019

De arts met een deskundige, adviserende of controlerende opdracht voert deze uit volgens de wettelijke regels, de deontologische principes, met respect voor de betrokkene en met inachtneming van de beperkingen eigen aan zijn opdracht en functie. Deze opdrachten zijn onverenigbaar met die van behandelend arts.

De behandelende arts kan zijn patiënt in deze procedures bijstaan als persoonlijke raadgever.

De arts deelt de betrokkene vooraf de hoedanigheid mee waarin hij optreedt.

1.  Algemeen

De beoordeling van de gezondheidstoestand van een persoon maakt deel uit van de geneeskunde en valt onder het toepassingsgebied van de wet betreffende de rechten van de patiënt.

De arts dient zijn opdracht altijd onafhankelijk en objectief te vervullen. Hij stelt zijn medische besluiten op in vrijheid en volgens zijn geweten.

De arts die belast is met een beoordelingsopdracht, moet vooraf aan de patiënt meedelen in welke hoedanigheid hij optreedt, welke opdracht hij heeft en wie toegang zal hebben tot de gegevens die hij zal verkrijgen.

De beoordeling wordt uitgevoerd op aanvraag van de patiënt, van een derde (openbare overheid of private persoon) of op basis van de wet. Ze gebeurt in een gerechtelijk of buitengerechtelijk kader (minnelijk of unilateraal). De artsen die ertoe worden gebracht deze beoordeling uit te voeren hebben verschillende opdrachten; sommige ervan zijn wettelijk bepaald.

Het is nodig dat de beoordelaar voldoende bekwaamheid bezit in het domein waarover hij moet oordelen. Een bijkomend advies vragen aan domeindeskundigen ("sapiteur") is noodzakelijk indien de problematiek sterk afwijkt van de beroepsopleiding van de beoefenaar.

De gerechtsdeskundigen zijn gebonden door een specifieke deontologische code.

Wanneer de beoordeling van de gezondheidstoestand gebeurt op aanvraag van de patiënt, kan ze worden uitgevoerd door een raadsarts (doorgaans adviserend arts genoemd) gekozen door de patiënt om hem te vertegenwoordigen en zijn belangen te verdedigen. Deze arts kan de behandelend arts van de patiënt zijn.

Overigens voert iedere behandelend arts die een medisch getuigschrift opstelt of documenten invult nodig voor het verkrijgen van een sociaal of contractueel voordeel strictu sensu een medische beoordeling uit (art. 26, CMD 2018).

De medische deontologie verbiedt om de rol van zorgverlener met een therapeutische relatie en de beoordeling van de gezondheidstoestand van een zelfde patiënt tegelijk te vervullen wanneer deze aanvraag uitgaat van een derde. De finaliteit van de zorg die het verkrijgen van persoonsgegevens tijdens een therapeutische relatie rechtvaardigt, is niet verenigbaar met een beoordeling van de gezondheidstoestand van de patiënt in opdracht van een derde. Deze beoordeling kan slechts gebeuren wanneer de patiënt ermee instemt of wanneer ze is gebaseerd op de wet. De grondslag van de therapeutische relatie is het vertrouwen. Door de vertrouwelijke mededelingen van zijn patiënt en de inlichtingen vernomen tijdens de therapeutische relatie te gebruiken voor een beoordeling in opdracht van een derde, beschaamt de arts dit vertrouwen. Dit is evenwel niet het geval wanneer de arts handelt op verzoek van de patiënt.

Het medisch onderzoek dat voorafgaat aan het sluiten van een verzekeringsovereenkomst van de sector leven (levensverzekering, schuldsaldoverzekering, gewaarborgd loon) is een verrichting die gevraagd en  vergoed wordt door de verzekeringsmaatschappij. De behandelend arts dient deze opdracht dan ook niet te aanvaarden.

2.  Adviezen van de nationale raad

3.  Wettelijke bepalingen

4.  Informatie - Documentatie - Links

  • Aanbeveling nr. 17/01 van 16 mei 2017 betreffende de onverenigbaarheid tussen de rol van zorgverlener met een therapeutische relatie en de rol van adviseur, controleur of deskundige in opdracht van een derde ten aanzien van eenzelfde patiënt. Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid - Afdeling "Gezondheid"
  • Advies van 21 juni 2013 van de Federale commissie "Rechten van de patiënt" betreffende de controle- en expertisegeneeskunde
  • ENGLEBERT, V., « L'expertise médicale : de la médecine au droit », Revue belge du dommage corporel et de médecine légale, Anthemis, 2018/3
  • DE MOL, J., « La fraude en expertise médico-légale », Revue belge du dommage corporel et de médecine légale, Anthemis, 2018/2
  • BOXHO, Ph., « Communication par un médecin de données médicales à un médecin expert : positionnement du problème sur le plan déontologique », Revue belge du dommage corporel et de médecine légale, Anthemis, 2017/1
  • FAGNART, J.-L., « Ethique et médecine d'expertise », Revue belge du dommage corporel et de médecine légale, Anthemis, 2011/4
  • BOXHO, Ph., « L'expertise pénale en matière de responsabilité médicale », Revue belge du dommage corporel et de médecine légale, Anthemis, 2001/2

5.  Trefwoorden

adviserend arts - arts-ambtenaar - arts-deskundige - behandelend arts - controlearts - medische controle - medische expertise - onverenigbaarheid functie behandelend arts - therapeutische relatie met de patiënt - vertrouwensrelatie arts-patiënt - verzekeringen van de patiënt




<< Terug