Skip to content

Vrije artsenkeuze door de patiënt die ervoor kiest te worden opgenomen in een tweepersoonskamer of gemeenschappelijke kamer

Doc: a145003
Tijdschrift: 145
Datum: 22/02/2014
Origine: NR
Thema's:
Overzicht

« Vorige 

 Volgende »

Overzicht

Aan de Nationale Raad wordt de vraag gesteld of het beperken van de vrije artsenkeuze door de patiënt, wanneer deze ervoor kiest te worden opgenomen in een tweepersoonskamer of gemeenschappelijke kamer, in overeenstemming is met de wet en de plichtenleer.

Advies van de Nationale Raad :

In zijn vergadering van 22 februari 2014 onderzocht de Nationale Raad van de Orde van geneesheren uw brief van 18 december 2013 waarin u hem vraagt of het in overeenstemming is met de wet en de plichtenleer de vrije artsenkeuze door de patiënt te beperken wanneer deze laatste ervoor kiest te worden opgenomen in een tweepersoonskamer of een gemeenschappelijke kamer.

I. Wat betreft de conformiteit met de wet van deze beperking van de vrije artsenkeuze, vestigt de Nationale Raad de aandacht op de volgende aspecten :

1° Het model van de opnameverklaring is vastgelegd in de bijlagen bij het koninklijk besluit van 17 juni 2004 betreffende de verklaring bij opname in een ziekenhuis. Het
bepaalt in hoofde van de patiënt :

"Ik heb kennis genomen van de financiële voorwaarden en wens opgenomen te worden (...) tegen verbintenistarief (ZONDER honorariumsupplement).
Ik ben mij ervan bewust dat mijn vrije artsenkeuze hierdoor beperkt kan worden en kies voor het tarief van : (...)"

Artikel 2, § 1, van het voornoemde koninklijk besluit van 17 juni 2004 stelt dat de opnameverklaring dient te worden opgemaakt overeenkomstig het model in de bijlagen bij dit besluit.

2° De vrije artsenkeuze is een fundamenteel recht van de patiënt , maar is niet absoluut; er zijn uitzonderingen op en het kent beperkingen, onder meer wanneer er een beroep wordt gedaan op de spoed- of wachtdiensten .

Artikel 50, § 3, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gecoördineerd op 14 juli 1994 laat de arts vrij al dan niet toe te treden tot de medicomut-overeenkomst.

Dit verklaart dat het document dat de uitleg bevat over de opnameverklaring, eveneens bijlage bij het koninklijk besluit van 17 juni 2004, in verband met de artsenkeuze preciseert:

Belangrijk om te weten is dat u als patiënt ervoor kunt opteren om tegen verbintenistarieven behandeld te worden. Dit heeft echter tot gevolg dat uw vrije artsenkeuze beperkt kan worden door uw kamerkeuze.


II. Wat betreft de conformiteit van deze beperking van de vrije artsenkeuze met de regels van de geneeskundige plichtenleer, herinnert de Nationale Raad dat de geneeskundige plichtenleer de arts oplegt al zijn zieken even gewetensvol te verzorgen (artikel 5 van de Code van geneeskundige plichtenleer).

De Nationale Raad is van mening dat het strijdig is met de geneeskundige plichtenleer dat de arts weigert de zorg voor een patiënt op zich te nemen enkel omdat deze weigert een individuele kamer te kiezen, in het bijzonder indien de ziekenhuisopname gebeurt in het kader van een lopende medische behandeling of de opvolging van een langdurige aandoening.


III. Wat betreft de keuze van het type kamer, bepaalt de wet dat deze beslissing uitsluitend toekomt aan de patiënt.

De arts mag de patiënt niet beïnvloeden om hem opnamevoorwaarden te doen aanvaarden die hij niet wenst.

« Vorige 

 Volgende »

Overzicht