Skip to content

Opsporing van baarmoederhalskanker - Bescherming van de persoonlijke levenssfeer

Doc: a072017
Tijdschrift: 72 p. 41
Datum: 16/03/1996
Origine: NR
Thema's:
Overzicht

« Vorige 

 Volgende »

Overzicht

Opsporing van baarmoederhalskanker - Bescherming van de persoonlijke levenssfeer

1. Een provinciale raad verzoekt de Nationale Raad om advies aangaande een door een gemeente voorgenomen campagne voor de "vroegtijdige opsporing van baarmoederhalskanker".

Advies van de Nationale Raad :

De Nationale Raad heeft het door U overgelegde dossier in verband met de door de gemeente X in het kader van haar gemeentelijke actie "X Preventief Gezond" georganiseerde campagne "Vroegtijdige Opsporing van Baarmoederhalskanker", meer bepaald het ontwerp van oproepingsbrief, onderzocht.

Vooreerst stelt de Nationale Raad vast dat het door U overgelegde ontwerp van oproepingsbrief niet aan een arts, maar aan de potentiƫle deelneemsters aan de campagne is gericht en dat de aan het secretariaat van "X Preventief Gezond" of aan de huisarts te bezorgen invulstrook niet door een arts, maar door de betrokkene zelf is in te vullen en terug te sturen.

Anderzijds heeft de invulstrook alleen een in de context van de campagne-administratie aanvaardbare bestuurlijke finaliteit en wordt in deze fase van de screening geen enkel resultaatsgegeven van het medisch onderzoek gevraagd.

De Nationale Raad is in de gegeven omstandigheden en gelet op de nagestreefde doelstellingen van oordeel dat de ten behoeve van de campagne voorgestelde ontwerpbrief kan aangenomen worden, op voorwaarde dat zou voorzien worden dat:

- aan de betrokken vrouw kennis gegeven wordt van het feit dat haar persoonsgegevens in een verwerking geregistreerd zullen worden (cf. art. 9 van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens) en van de gegevens die haar krachtens art. 4 1, eerste alinea van voornoemde wet dienen medegedeeld te worden;

- de bijzondere schriftelijke toestemming van de betrokken vrouw gevraagd wordt om de medische persoonsgegevens die op haar betrekking hebben mede te delen aan een beoefenaar van de geneeskunst en aan diens medische ploeg (art. 7 wet 8 december 1992);

- hierbij aansluitend, de verwerking van medische gegevens steeds zal gebeuren onder de verantwoordelijkheid van artsen.

2. De Nationale Raad wordt om advies verzocht aangaande een proefproject inzake baarmoederhalskankerpreventie van de Vlaamse Gemeenschap.

Advies van de Nationale Raad :

De Nationale Raad besprak de adviesaanvraag van dr. X d.d. 23 november 1995 in verband met het pilootproject van de Vlaamse Gemeenschap inzake baarmoederhalskankerpreventie.

Wat het doorgeven van adressen betreft, is de Nationale Raad van oordeel dat geen persoonsgegevens mogen doorgegeven worden zonder de toestemming van de persoon waarop de gegevens betrekking hebben.

De modaliteiten voor het doorgeven van resultaatsgegevens in het kader van het pilootproject zijn momenteel nog ter studie bij de Nationale Raad.

« Vorige 

 Volgende »

Overzicht