Skip to content

Medisch dossier in een rust- en verzorgingstehuis in het Waals Gewest

Doc: a099001
Tijdschrift: 99 p. 3
Datum: 19/10/2002
Origine: NR
Thema's:
Overzicht

« Vorige 

 Volgende »

Overzicht

Medisch dossier in een rust- en verzorgingstehuis in het Waals Gewest

Een provinciale raad stelt twee vragen in verband met het advies van de Nationale Raad van 19 januari 2002 over het bijhouden van het medisch dossier in een rust- en verzorgingstehuis :

  1. werd de "Ontwerpbrief RVT" (zoals de titel van het advies in een eerste redactie luidde) definitief door de Nationale Raad goedgekeurd ?
  2. is er geen tegenspraak tussen de inhoud van deze ontwerpbrief en het besluit waarin gesteld wordt dat de tussenkomende artsen onder het gezag van de coördinator staan ?

Advies van de Nationale Raad :

Het antwoord op de vraag of dit advies definitief goedgekeurd werd door de Nationale Raad is : ja.

Het feit dat in de derde alinea “Ontwerpbrief RVT” staat, kan enige twijfel laten bestaan over deze goedkeuring. Men moet echter weten dat het aanvankelijk de Provinciale Raad X was die door het ministerie van het Waalse Gewest, directie Curatieve Geneeskunde, verzocht werd advies te verstrekken over het recht van een coördinerend arts om het medisch dossier in te kijken dat opgesteld werd door een collega die een bewoner behandelt.

De Raad X had een ontwerpantwoord opgesteld dat, gezien het algemene belang ervan, ter goedkeuring voorgelegd werd aan de Nationale Raad. De Nationale Raad heeft dit ontwerp besproken, gewijzigd en vervolgens goedgekeurd in de versie zoals gepubliceerd. Daarom vindt u “Ontwerpbrief RVT” in de verschenen tekst.

In verband met de waarde van het woord gezag - gebruikt in de Nederlandse versie van het advies - van de coördinerend arts ten opzichte van de optredende artsen, dient opgemerkt dat gezag geïnterpreteerd dient te worden in de strikte betekenis van de zin. Dit gezag slaat op de organisatie van de coördinatie en het bijhouden van de dossiers met nastreving van een consensus, en natuurlijk niet op de artsen zelf. De term férule die in het Franse originele document gebruikt wordt, moet in de figuurlijke betekenis ervan geïnterpreteerd worden.

Het gaat niet over de stok waarmee men vroeger op de handen sloeg van de leerlingen die iets fout hadden gedaan, maar veeleer over het stokje van de orkestleider die de accenten van elke deelnemer harmonieus op elkaar moet afstemmen.

Om elke dubbelzinnigheid uit de weg te ruimen, stelt de Nationale Raad voor de term “férule” te interpreteren als “responsabilité” (verantwoordelijkheid).

De laatste alinea van het advies van 19 januari 2002 wordt als volgt herschreven : "De Nationale Raad is van oordeel dat de inhoudelijke kwaliteit van de medische dossiers in de RVT's dient gewaarborgd te worden in onderling overleg tussen de raadgevend-coördinerend arts en de behandelende huisartsen onder de verantwoordelijkheid van de raadgevend-coördinerend arts."

Ter gelegenheid van deze rechtzetting wijst de Nationale Raad erop dat de oorspronkelijke vragen die gesteld werden door het Waalse Gewest betrekking hadden op de volgende zin in zijn advies van 16.09.2000 : “De Nationale Raad legt er de nadruk op dat de coördinerend arts geen inzagerecht heeft in het medisch dossier van een andere behandelende arts zonder zijn toestemming.” De vragen luidden : “Welke betekenis kent de Orde toe aan de inzage van het medisch dossier ?” en “Hoe denkt u dat een coördinerend arts het bijhouden van de medische dossiers kan coördineren zonder deze te openen, ook al staat de arts er weigerachtig tegenover ?”

Uit de discussie over het te verstrekken antwoord bleek al vlug dat er voor onze Raad twee wegen openstonden conform de wetgeving : ofwel leggen de artsen onder elkaar het in punt i van de organisatienormen bepaalde huishoudelijk reglement vast betreffende de medische activiteit en zoeken ze naar een oplossing in collegialiteit, ofwel schikken ze zich naar het door de beheerder opgestelde huishoudelijk reglement vastgelegd in punt 4 van de specifieke normen; dit reglement bevat de bepalingen die hun toegang tot de instelling regelen in het kader van de rechten en plichten van de bewoners en van de beheerder.

De Raad heeft de collegiale weg gekozen.

« Vorige 

 Volgende »

Overzicht