Skip to content

Mededeling van disciplinaire beslissingen

Doc: a078001
Tijdschrift: 78 p. 16
Datum: 22/03/1997
Origine: NR
Thema's:
warning is herzien in de adviezen : TNR 86 p. 13 (a086004) en TNR 112 p. 4 (a112003).
Overzicht

« Vorige 

 Volgende »

Overzicht

Mededeling van de disciplinaire beslissingen

Een provinciale raad vraagt aan de Nationale Raad of de discipliniare beslissingen nog steeds door de provinciale raden moeten medegedeeld worden aan de Dienst voor Geneeskundige Controle van het Riziv.

Advies van de Nationale Raad :

Betreft : Mededeling aan de Dienst voor Geneeskundige Controle van het Riziv van de door de Raden van de Orde uitgesproken disciplinaire sancties.

Ik heb de eer U hierbij kopie mede te delen van :

  • een brief van 30 september 1996 van de Provinciale Raad van X,
  • het antwoord hierop van 8 januari 1997 van het Bureau van de Nationale Raad,
  • de brief van 6 februari 1997 van de Provinciale Raad van X houdende conclusie "dat geen enkele beslissing, naar aanleiding van dossiers die door het Riziv worden overgemaakt, aan haar mag medegedeeld worden".

De Nationale Raad heeft, in zijn vergadering van 22 maart ll., deze conclusie onderschreven.

Brief van 30 september 1996 van de PR X aan de Nationale Raad :

Op 18.08.78 liet de Nationale Raad een rondschrijven geworden aan de Voorzitters van de Provinciale Raden (n° 8262) betreffende de mededeling aan de Dienst voor Geneeskundige Controle van het Riziv van door de Raden van de Orde uitgesproken disciplinaire sancties.

Daarin werd gesteld dat de beslissingen ingevolge de toepassing van art. 35 integraal aan het Comité van bedoelde Dienst dienen meegedeeld van zodra zij niet meer voor beroep vatbaar zijn.

Inmiddels functioneert het Riziv in functie van art. 142 van de Wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14.07.94, en wordt overeenkomstig art. 145 § een afschrift van iedere definitief geworden beslissing door de secretaris van de betrokken controlecommissie of commissie van beroep, bij aangetekend schrijven, aan het bevoegde tuchtrechtelijk orgaan overgemaakt.

De Raad van X stelt zich nu de vraag of, in deze nieuwe omstandigheid, nog steeds de integrale disciplinaire beslissing dient meegedeeld aan de Dienst voor Geneeskundige Controle.

De Raad is terzake van oordeel dat, sedert de wetswijziging terzake, meldingen van de controlecommissie als gelijkaardig moeten worden beschouwd als de meldingen van de beslissingen van de Beperkte Kamer van het Comité van de Dienst voor Geneeskundige Controle, en dat derhalve de disciplinaire beslissing, noch integraal noch het beschikkend gedeelte, kan meegedeeld worden.

De Raad van X wenst het standpunt van de Nationale Raad terzake te vernemen.

Antwoord van 8 januari 1997 van het Bureau van de Nationale Raad :

In antwoord op Uw brief van 30 september 1996 betreffende de mededeling aan de Dienst voor Geneeskundige Controle van het Riziv van door de Raden van de Orde uitgesproken disciplinaire sancties, kan het Bureau van de Nationale Raad U bevestigen dat, in tegenstelling tot de vroegere wetgeving (art. 35 van de wet van 9 augustus 1963 tot vaststelling en organisatie van een regeling voor verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering), de huidige wetgeving (wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994) nergens voorziet dat de provinciale raden van de Orde bepaalde tuchtrechtelijke beslissingen, die genomen worden als gevolg van een mededeling door de beperkte kamers, de controlecommissies en de commissies van beroep, moeten meedelen aan de Dienst voor Geneeskundige Controle.

Het Bureau is dan ook van oordeel dat hogervermelde disciplinaire beslissingen inderdaad niet mogen worden medegedeeld aan de Dienst voor Geneeskundige Controle van het Riziv.

Brief van 6 februari 1997 van de PR X aan de Nationale Raad :

De Provinciale Raad van X nam inmiddels kennis van uw brief van 08.01.97 inzake het meedelen van disciplinaire beslissingen aan het Riziv wanneer deze laatste klager is.

Hij heeft uit uw advies kunnen concluderen dat geen enkele beslissing, naar aanleiding van dossiers die door het Riziv worden overgemaakt, aan haar mag meegedeeld worden.

« Vorige 

 Volgende »

Overzicht