Skip to content

Gebruik van stukken uit het disciplinair dossier

Doc: a097006
Tijdschrift: 97 p. 5
Datum: 25/05/2002
Origine: NR
Thema's:
warning Dit advies vervangt het advies TNR 65 p. 22, a065006.
Overzicht

« Vorige 

 Volgende »

Overzicht

Dit advies vervangt het advies TNR 65 p. 22, a065006n

Gebruik van stukken uit het disciplinair dossier

Een provinciale raad legt zijn voorstel tot antwoord voor met betrekking tot een klacht van een mevrouw die vraagt of de gegevens die deel uitmaken van een tuchtrechtelijk onderzoeksdossier tegen een arts bij de Orde van geneesheren door deze arts kunnen worden gebruikt om bij het gerecht klacht (wegens bedrieglijke verklaringen, lasterlijke aantijgingen, eerroof, smaad, ...) neer te leggen tegen haar, de klaagster, en of deze arts hierbij bovendien medische gegevens over haar mag bekendmaken aan de inspecteurs van de gerechtelijke politie.

Advies van de Nationale Raad :

In zijn vergaderingen van 16 maart, 20 april en 25 mei 2002, besprak de Nationale Raad de complexe problematiek van het beroepsgeheim ten aanzien van disciplinaire beslissingen en het gebruik van stukken van het disciplinair dossier door de betrokken arts.

Vooreerst moet gezegd dat een onderscheid dient te worden gemaakt tussen het beroepsgeheim als bepaald in artikel 30 van het Koninklijk besluit nr. 79 betreffende de Orde der geneesheren en het specifiek medisch beroepsgeheim. Het geciteerde artikel bepaalt dat de leden van de provinciale raden, van de raden van beroep en van de Nationale Raad door het beroepsgeheim zijn gebonden in alle zaken waarvan zij kennis hebben gekregen bij of ter gelegenheid van de uitoefening van hun ambt. Hetzelfde geldt voor alle personen die, in welke hoedanigheid ook, deelnemen aan de werking van de Orde. Dit beroepsgeheim, soms “raadsgeheim” genoemd, onderscheidt zich van het medisch beroepsgeheim dat geldt voor artsen in het kader van de uitoefening van hun beroep.

Hieruit volgt dat een arts noch gedurende de behandeling van de tegen hem ingestelde tuchtzaak noch na de betekening van de hem betreffende definitieve beslissing tot naleving van het door het artikel 30 van het Koninklijk besluit nr. 79 bedoelde beroepsgeheim is gehouden daar dit niet op hem van toepassing is. Hij kan vrij gebruik maken van de integrale inhoud van de hem betekende tuchtrechtelijke beslissing.

De arts kan ook gebruik maken van de stukken van zijn disciplinair dossier. Hij heeft immers recht op kopie van het volledige tuchtrechtelijke dossier. Hierbij dient echter een onderscheid te worden gemaakt tussen het gebruik van stukken door de betrokken arts om zich te verdedigen in een geschil voor de rechtbank en het gebruik van stukken door de betrokken arts om zelf een geding voor de rechtbank in te leiden of te staven.

Algemeen wordt aanvaard dat een arts stukken van het medisch dossier, ook wanneer die onder het beroepsgeheim vallen, voor de rechtbank kan gebruiken wanneer dit voor zijn verdediging strikt noodzakelijk is. Naar analogie kan worden gezegd dat dit ook geldt voor het gebruik door de betrokken arts van alle hem dienstige stukken uit het disciplinair dossier.

Het gebruik van stukken van het disciplinair dossier door de betrokken arts om zelf een geding voor de rechtbank in te leiden of te staven is restrictiever te benaderen. Hierbij dient een onderscheid te worden gemaakt tussen de stukken van het disciplinair dossier die onder het medisch beroepsgeheim vallen en de andere stukken. Stukken die onder het medisch beroepsgeheim vallen zijn stukken die tot stand kwamen in een op het beroepsgeheim gebaseerde arts-patiënt relatie zoals bepaalde stukken van het medisch dossier.

De stukken die niet onder het medisch beroepsgeheim vallen kunnen door de betrokken arts vrij gebruikt worden. Zo kan hij bijvoorbeeld gebruik maken van de oorspronkelijke klacht, tenzij die onder het medisch beroepsgeheim zou vallen, wat meestal niet het geval is, om op tuchtrechtelijk en/of gemeenrechtelijk vlak te reageren wanneer hij bv. van oordeel is dat de aangetijgde feiten hem in zijn eer krenken.

De stukken van het disciplinair dossier die onder het medisch beroepsgeheim vallen kunnen integendeel door de betrokken arts niet gebruikt worden om een geding in te leiden of te staven.

Om het onderscheid tussen de verschillende stukken van een disciplinair dossier te vergemakkelijken kunnen provinciale raden de artsen die een afschrift van hun disciplinair dossier wensen behulpzaam zijn door op de stukken die onder het medisch beroepsgeheim vallen een vermelding aan te brengen als bv. “enkel bestemd voor de Orde der geneesheren”. Op deze wijze kunnen de provinciale raden bijdragen tot de handhaving van het medisch beroepsgeheim.

« Vorige 

 Volgende »

Overzicht