Skip to content

Families in illegaal verblijf - Convenant tussen het ministerie van Binnenlandse Zaken en artsen

Doc: a129029
Tijdschrift: 129
Datum: 27/03/2010
Origine: NR
Thema's:
Overzicht

« Vorige 

 Volgende »

Overzicht

Gezinnen met minderjarige kinderen die ons land moeten verlaten, worden sinds oktober 2008 niet langer ondergebracht in gesloten centra maar in open woonunits onder intensieve begeleiding van een terugkeercoach.
De Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken, Algemene Directie Vreemdelingenzaken, Directie Controle Binnenland - Sectie Verwijdering Identificatiecel - FITT (Familie Identificatie- en Terugkeerteam) heeft een convenant van afspraken met artsen opgesteld.
De Nationale Raad heeft een aantal bemerkingen betreffende dit convenant.

Advies van de Nationale Raad :

In zijn vergadering van 27 maart 2010 heeft de Nationale Raad van de Orde van geneesheren de bespreking van uw brief van 23 februari 2009 betreffende het convenant tussen het ministerie van Binnenlandse Zaken en artsen aangaande de woonunits voor families in illegaal verblijf beëindigd.

De Nationale Raad heeft hieromtrent de volgende bemerkingen:

- De familie dient binnen drie (volgens het convenant) en twee (volgens het KB) werkdagen na aankomst een medische controle te ondergaan in de praktijk van een arts.

Deze arts wordt aangeduid door de Dienst Vreemdelingenzaken of door de arts van de familie (artikel 15 van het KB van 14 mei 2009 houdende vaststelling van het regime en de werkingsmaatregelen, toepasbaar op de woonunits, als bedoeld in artikel 74/8, § 1, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen).

De functie van arts belast met een deskundig onderzoek naar de lichamelijke of geestelijke bekwaamheid of geschiktheid van één of meer personen of met om het even welk klinisch onderzoek, met de controle van een diagnose of met het toezicht op een behandeling, of nog met een onderzoek naar de medische prestaties voor rekening van een verzekeringsinstelling is onverenigbaar met die van behandelende arts van die personen (artikelen 119 en 121, § 2, van de Code van geneeskundige plichtenleer).

- De familie wordt voor de medische controle begeleid door een terugkeercoach. Deze begeleiding houdt in dat de terugkeercoach de familie bijstand verleent, maar hij is niet fysiek aanwezig bij het onderzoek.

- Wanneer de arts een bepaalde pathologie vaststelt die de terugkeer tijdelijk of langdurig onmogelijk maakt, bericht hij dit aan de terugkeercoach, zonder de pathologie zelf bekend te maken.

- De arts moet het medisch geheim, waar zowel het medisch dossier als de diagnose onder valt, respecteren.

- De arts beoordeelt ten vroegste 48 uur voor het voorziene vertrek of de familie in haar geheel "fit to fly" is. Hij zal daarvoor het formulier ´Geschikt om te vliegen` invullen.

Op dit formulier moet de arts vermelden welke medicamenten moeten of mogen ingenomen worden door de betrokkene. Door middel van cijfer 1 tot en met 4 duidt de arts aan of de persoon die vervoerd wordt een gevaar kan betekenen voor de gezondheid van anderen. Het cijfer geeft de ernst van de toestand aan en bepaalt de te nemen maatregelen. De maatregel gaat van de basisregels van de algemene hygiëne tot isolatie van de persoon wegens een vermoeden van besmettelijke ziekte van epidemische aard waarvoor geen behandeling bekend is.

Deze informatie houdt verband met de gezondheidstoestand van de betrokkene en zal door de arts die de medische controle verricht aan de arts van de Federale Politie bezorgd worden.

 

« Vorige 

 Volgende »

Overzicht